Feeds:
Berichten
Reacties

als hij danst

zie ik een ander liedje

dan ik hoor

Advertenties

op oude foto’s

en in oude schriftjes

haar frisse blik

 

hoe we in de tuin staan
de grond verdeeld in plannen

schaduwen

silhouetten die zich traag
opgenomen weten in een alles
overheersend duister

zo zou ik ons kunnen omheinen
maar ik weiger

dit, schrijf ik liever, is onze tuin

deze plek in de schaduw
die werd voortgebracht door licht

onze plaats is naast dit gedicht

alles is hier
waar we leven

alles

 

Ineens maakt het ons niets meer uit, jij tekent

hartjes op hun kop en ik verklap geheimen.

We spelen, dat wij twee woorden zijn die rijmen.

Zo op elkaar gesteld zijn we. Jij rekent

 

op geen enkele wig. We zijn niet zo bekend

met ruzie en elkaar weer moeten lijmen.

We verwachten niet, ooit te hoeven slijmen.

We zijn pas achttien, nog te veel met jeugd verwend.

 

Hoe spanten het dak, het huis de spanten draagt .

Natuurlijk moet ik huilen wanneer je vraagt

of ik weet wat mijn gevoelens met je doen.

 

En ook al geef ik je, liefdevol een zoen.

Het is de waarheid, die aan mijn gedachten knaagt,

we zijn ‘n knittelvers, niet het sonnet van toen.

tien centimeter groter

zou ik willen zijn

om bij die plank te kunnen

waarop ik dan bewaar

wat hoog gegrepen was

.

het boek over verandering

de pen met de licht gebogen punt

.

danslessen overslaan wil ik

en toch in jouw pas lopend

het ritme verstaan

.

mezelf ontdaan wetend

van moedeloos geharrewar

de boer op gaan

met mijn viooltjes en de

uitbundige, ongeoorloofde

harmonietjes die ik schreef

de tulpen

allen dragen zij

mijn schaduw