Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for the ‘Proza’ Category

Nog half slapend keek ik toe hoe mijn partner een trui zocht in de kast. Dat hij naar een specifieke trui zocht werd me al snel duidelijk daar de ene na de andere trui werd opengevouwen en bekeken om vervolgens ongevouwen terug te worden gelegd.
Tja, wist ik, dat worden kreukels en zo ontstond de volgende haiku.

zij strijkt de kreukels
in zijn trui netjes glad
met een glimlach

Advertenties

Read Full Post »

 

als we zijn
wat iemand een
pijnpunt noemt

zo’n boog
altijd gespannen
klaar om de pijl te lanceren

die speer van raak
of net niet

als we
voorbij het winnaar willen zijn
de tijd nemen voor een debat
met elkaar
of kinderen die nog

denk je ook niet dat we
als we niet zo uit waren
op gelijk krijgen

duizendmaal gelijker waren

Read Full Post »

Eens was er iemand in mijn leven die ‘gebruikte’. Ik weet niet precies wat en in welke mate maar er zat speed bij. Soms kwam ze bij me om geld te lenen en ook al had ik niet veel, ik leende het haar. Ze betaalde altijd terug, dat moet gezegd. Op een dag besloot ze om af te kicken, ik zou haar helpen. Ze leverde al haar zakjes speed bij me in en ik beloofde haar dat ik zou proberen om het te verkopen en zo haar geld terug te verdienen.
Opgewekt ging ik naar een kroeg waar ik wel vaker kwam en raakte er in gesprek met twee mannen die ik het spul aanbood. Ik moet hier even benadrukken dat ik er geen enkel benul van had wat ik nu eigenlijk precies aanbood. De barman hield mij nauwgezet in de gaten en toen de mannen niet wilden kopen en vertrokken kwam hij naar me toe. Meisje, meisje, fluisterde hij, wat je daar aan het doen bent mag niet maar bovendien is het erg gevaarlijk. Stop dat spul weg. Zijn toon joeg me angst aan en ik gaf meteen gehoor aan zijn verzoek. Hij gaf me een pilsje en knipoogde begrijpend en bovenal heel warm en beschermend.
Een week later, ik was naar een verjaardag, bleek dat er bij me geprobeerd was om in te breken terwijl ik weg was. De buurvrouw had het gezien en de inbreker nam de benen. We belden de politie, die kwam onmiddellijk. Vreemd vond de politie het dat de inbreker zowel voor als achter had geprobeerd binnen te komen. Dat doen ze nooit, zeiden ze, tenzij ze weten dat er iets speciaals in huis is. Is er dat? Nee, zei ik, intussen iets wijzer geworden en dus niet helemaal naar waarheid. Zij vertrokken weer en ik sloot alles extra goed af. Een paar dagen later kwam de eigenares van de speed langs en vroeg me het spul terug te geven, ze had een koper gevonden, zei ze. Ik gaf het en voor mij was daarmee de kous af. Pas jaren later, nog eens terugdenkend aan de omschrijving van de inbreker die de buurvrouw me had gegeven, viel het kwartje. Ik wist ineens wie die inbreker geweest was. Het was ook de enige die wist dat ik die avond niet thuis was. Ik ben bang dat ze geen koper had voor het spul maar het stoppen niet vol heeft kunnen houden. Iets wat ze niet heeft durven zeggen. Zo streng en voortvarend als ik destijds al kon zijn. Dat je iemand enkel kunt redden als hij of zij gered wil worden, dat is een les die ik wel geleerd heb.
.
zo mezelf te zien
met ogen waarin tranen
leerden aarzelen
.
Haiku uit Pauwenveren en judaspenning

Read Full Post »

Op een dag werd er een envelop bezorgd die duidelijk niet voor ons bestemd was. Ofschoon het adres klopte stond er in kinderlijk handschrift Tim boven. Omdat ik geen Tim kende heb ik de envelop opengemaakt in de hoop meer informatie aan te treffen, maar nee. Er zat een kaart in met een hart en achterop stond in datzelfde kinderlijke handschrift Jij bent mijn Valentijn x

Och, wat zou het jammer zijn als deze kaart niet aankwam. Ik stelde me een meisje voor, giechelend van spanning en een jongetje dat rood tot achter de oren zou kleuren. Ik besloot om Tim te gaan zoeken..

Na een paar keer tevergeefs te hebben aangebeld werd er opengedaan door een joch van een jaar of 11. Ben jij toevallig Tim? vroeg ik hoopvol. Nee, zei hij verrast, Tim woont daar. Hij wees. Nummer 5, vulde zijn vader aan vanuit de huiskamer.

Op nummer 5 woonde inderdaad een Tim, ik heb de kaart afgegeven en weer op weg naar huis dacht ik aan lange glijbanen, van de dijk suizen op het deksel van de wasketel, want de slee was al vergeven. Ik dacht aan sneeuwpoppen maken en sneeuwballen gooien. Aan de rotjong die met ijsballen gooiden, in de hoop op tranen en aan de tranen die ik bedwong, wat dan weer mijn score was. De wantjes, die aan touwen in mijn mouwen zaten, de ijskoude voeten. Rode neusjes, snottebellen, de schreeuwende stemmen van opgewonden kinderen.

vierenzestig

een kopie van haar moeder

in de winkelruit

Read Full Post »

 

We gaan ervanuit dat een haiku een pure observatie is. Dat dit niet alleen de natuur hoeft te betreffen maar ook over mensen kan gaan daar zullen we het intussen wel over eens zijn. Mensen maken ook deel uit van de natuur, of zal ik schrijven, het grote geheel. Ook jezelf kun je observeren, jaren geleden beweerde ik dit al en ik ben niet van dat standpunt geweken omdat ik uit ervaring weet dat dit waar is.
Een haiku komt soms niet voldoende tot zijn recht zonder er een kleine leugen in te verwerken. Zo kan een hij in de uiteindelijke haiku in werkelijkheid best een zij geweest zijn, een café was misschien een restaurant, een park een bos, een vlinder een mot.
Als dichter ben je uitgerust met een – voor velen nog groeiend – vermogen om situatie, beleving, taal en gevoel te vatten in het 5-7-5 schema n indien mogelijk liever nog korter. De kunst is om je te richten op de essentie. De essentie is vaak niet zozeer de locatie bijvoorbeeld, zelfs de personages spelen slechts een rol in wat de dichter met zijn scherpe blik waarneemt en zal willen neerzetten. Natuurlijk is de locatie niet onbelangrijk, er zal geen drankje geserveerd worden als je op een bankje in het park zit. Het moet allemaal wel kloppen wat je schrijft maar de werkelijkheid een beetje naar je hand zetten zodat de haiku aan zeggingskracht wint daar is niets mis mee.

Wat dan die essentie is, daar is al veel over geschreven en nagedacht en in feite is het heel eenvoudig denk ik. Als de haiku in een bundel met ultra korte verhalen staat en hij valt niet op, dan is de essentie niet overtuigend neergezet en staat hij terecht in die bundel, het bleef een verhaaltje. Staat hij in een dichtbundel van een gerenommeerde dichter en men zegt, dat is nog eens een kort gedicht van hem (of haar!) dan is de lezer óf onvoldoende op de hoogte van de vorm, óf de haiku mist de juiste essentie. Die essentie betreft – voor mij dan toch – een met het geobserveerde beeld meegelift inzicht. Het inzicht wordt niet meegedeeld, het zit in wat de dichter zag en zo wist te verwoorden dat het onmiskenbaar plaats nam op een onzichtbaar bankje tussen de regels. Het dient zich zelf aan en zowel de dichter als de lezer kan er iets van opsteken. Feit is dat de stem van de dichter er zo weinig mogelijk in doorklinkt.
Van de beste haiku – dit denk ik wel eens – is bijna niet vast te stellen wie hem schreef omdat de schrijver zich dienstbaar wist te maken, ondergeschikt aan wat zich aanbood.
Een dankbare taak toch, jezelf transformeren tot een dienaar van iets groters. Een geheel waarvan we allemaal op een eigen bescheiden manier deel uitmaken.

.

nu het weg is
zie ik het vlindertje pas
dat voor me uitvloog

Read Full Post »

Vannacht heb ik gedroomd dat er een haiku werd vermoord.

Ik heb geprobeerd het bloeden te stelpen maar werd weggeduwd door artsen die me wel even zouden laten zien hoe je een haiku redt.

Het spijt me piepte de haiku nog .

Het is me wat dacht ik vanmorgen toen er een haiku met me mee ontwaakte. Vecht niet om me zei hij, schrijf me.

.

brief aan een meester

de punt van mijn potlood breekt

al bij de aanhef.

.

Haiku uit: Pauwenveren en judaspenning – 2011

Read Full Post »

 

Ik vind ze leuk, meestal dan toch. De rommelmarkt waar ik gisteren was ervoer ik echter als een ramp. Om te beginnen was het loeidruk. Ik kon bij geen enkele kraam kijken omdat ik niet tussen de anderen kijkers kon komen. Snel doorlopen was er ook niet bij. Boodschappenwagentjes, rugzakken, brede dames van middelbare leeftijd, kwekkend met elkaar, om en nabij de 30 cm. van een kraam verwijderd.

Och kek doar, zoween had ik vruger ok.

Wè vinde gij, zal ik dees kupke kope of dè.

Ge snapt oit nie woar ut vandoan komt war.

Nou ik wel, kom mar is bij men kijke.

Enzovoort.

Mannen, traag, groot soms en breed en de armen altijd wat van het lichaam gehouden als zit er een struisvogelei onder de oksels. Uw ei is klaar, wil ik soms zeggen maar ik zeg niets, ik moet er niet aan denken wat er zou kunnen gebeuren als mijn opmerking verkeerd uitpakt Ik probeer mezelf zo efficient mogelijk tussen het publiek door naar de gewenste plekken te bewegen. Vaak lukt dat, gisteren niet tot nauwelijks. Ik voelde me vollopen met opstandige, negatieve energie, voor de volle honderd procent bereid tot duwen en desgewenst schoppen of stiekem knijpen.

Kek, Mien, dees is een skon ketting voor jullie Petra.

Die houdt nie van gruun.

Ohw, dees dan.

Knijpen, schoppen, erbij wil ik.

Bij een mevrouw die tussen de potjes en glazen, een doos vol sieraden heeft staan is het zowaar vrij rustig. De negativiteit die nog niet tot daden leidde stroomt geheel vrijwillig mijn lijf weer uit. Ik rommel in de doos en houd een handvol over waar ik tevreden mee kan zijn. We maken een prijs en ik – een stuk opgewekter nu – scharrel verder.

.

op de rommelmarkt

na het gedring even rust

bij een boekenkraam

Read Full Post »

Older Posts »