Feeds:
Berichten
Reacties

Posts Tagged ‘haiku’

We zijn acht jaar en meestal gaan we met z’n drieën paardrijden. Els, Marijke en ik. Ik rijd altijd op Fury. Els en Marijke kibbelen. Ze willen allebei het liefste op Flikka rijden maar een van hen zal genoegen met White Bless moeten nemen. Dat Fury mijn paard is staat buiten kijf. Het is een vurig paard en de ruiter is net zo vurig. We weten het alle drie, ik ben de aanvoerder.
Soms krijgen Els en Marijke ruzie en dan stapt een van hen boos op. Het vaakst is dat Els, een enkele keer is het Marijke. Ik bemoei me er niet mee omdat ik weet dat ze het altijd weer bijleggen. Ze liggen elkaar gewoon niet zo goed.
Ik vind wel dat de sfeer anders is als een van hen er niet bij is maar er over nadenken waarom dat is komt er nooit van. We rijden paard, galopperen tegen de dijk op en er overheen, werpen onze lasso’s en vangen boeven. We zijn niet uit op onderlinge strijd.
We zijn, ondanks de sporadische strubbelingen een hecht drietal.
.
Op een dag echter verandert er iets nogal drastisch.
Marijke en ik staan klaar bij onze paarden. Marijke heeft, gevaarlijk optimistisch, Flikka alvast gezadeld. We houden onze paarden keurig bij de teugel en wachten, Al meteen als Els er aan komt gerend zien we dat er iets speciaals moet zijn gebeurd. Ze heeft vuurrode wangen en popelt om ons iets te vertellen. We hebben vanmorgen jonge katjes gekregen, roept ze uitgelaten. We vergeten onze paarden terstond en vragen enthousiast of we mogen gaan kijken. Even is ze stil, ze kijkt ons aan met een strijdbaar, opgewonden gezicht, dat kan niet, zegt ze triomfantelijk, ik heb ze verdronken in een emmer.
.
het kevertje
op de rug van haar hand
doodslaan, vraagt ze
.
Ik gebruikte niet de echte namen!

Read Full Post »

Read Full Post »

“Bestaat er fout vuur?”

Niet precies in die woorden, meer is het haar houding die de vraag lijkt te stellen. Het duurt even eer zij zich uit haar stoel heeft gehesen. Ze kijkt me doordringend aan, resoluut haar rollator voor zich uit duwend. “Ik moet nodig.”

Ik zit als vastgenageld aan mijn stoel en kijk naar haar. In plaats van haar mijn hulp aan te bieden vraag ik me af of het woord rollator in een gedicht zal passen.

Ik denk van wel, maar niet met haar er achter. Niet in een gedicht over mijn moeder. Bestaat er fout vuur?

Terug in de werkelijkheid. “Kijk uit mam!”

“Als ik val dan komt het van die boot,” luidt haar reactie. Ze zit nu op het toilet.

Ik sta op veilige afstand in de deuropening.

“Boot?”

“Hoe heb je me gevonden?”

“Ik heb niet hoeven zoeken.”

“Dat vind ik knap van je, je wist immers niet dat we gingen varen”

Ik schipper tussen vertellen waar we zijn en doen alsof het waar is. Dat het waar is dat we op een schip zitten.

“Er is hier een oud echtpaar en dat houdt nog erg veel van elkaar.”

Ik kijk toe hoe ze haar kleding recht trekt.

“Misschien waarderen oude mensen liefde meer,” ik zeg het aarzelend.

Ze zwijgt.

Ineens wijst ze.

“Ze moeten daar gezeten hebben waarvan niemand wist dat het een plekje was.”

Dan zucht ze en glimlacht naar de verpleegkundige die is binnengekomen om haar medicijnen te brengen.

Als het meisje weer weg is kijkt ze me aan met dat speciale blikje haar eigen. “Het was een mooie reis, alleen jammer.”

“Jammer?”

“Nou ja, dat die boot niet echt was.”

Ze lacht wat voor zich heen en stelt dan knikkend vast.

“Ja. Er bestaat fout vuur”.

 

.

 

het groene eiland

rechts van het raam

haar sta-op-stoel

Read Full Post »

Een lezing, waar ik een jaar geleden ben geweest, ging over bewustwording van eerdere levens en de eventuele invloed op je leven nu
Dit in het kort gezegd.
Ik heb lang niet alles onthouden van wat er zoal gezegd werd maar ik vond het een boeiende lezing. Wat er gebeurt als je sterft kwam aan bod. Het overgaan naar een andere wereld. Hoe je leven als het ware wordt opgeslagen in een enorm archief.
Dat we allemaal een persoonlijke engel hebben, of een gids, net zo je het noemen wilt. Over dromen werd gesproken en over het werken aan je spirituele ontwikkeling.
Het klinkt voor veel mensen waarschijnlijk nogal zweverig.
Ik ging jaren geleden regelmatig naar dergelijke bijeenkomsten.
Ook bijv. naar lezingen over de Filosofie van de vrijheid van Rudolf Steiner. We hebben toen zelfs een werkgroep opgericht. Wat ik gebruiken kan pas ik toe, waar ik niets mee kan of wat me te ver gaat, leg ik – voorlopig dan toch – naast me neer.
Na de pauze konden er vragen gesteld worden, Ik heb er geen gesteld en de vragen die wel gesteld werden vond ik niet zo boeiend..
Na deze lezing heb ben ik niet meer naar een dergelijke lezing gegaan maar dat ik spiritueel ben ingesteld hoeft geen geheim te zijn.
Je verstand erbij houden kan nooit kwaad en niemand heeft de volledige wijsheid in pacht denk ik.
.
maar bij wie dan
klop ik de kruimels
van de schoot

Read Full Post »

over een hart vol lust gelogen
de gordijnen opgevoerd
als onschuldige objecten

 

konden we maar gewoon groeten
hoi zeggen, hallo
wie heeft dit weer besteld
was jij het die ik vanmorgen heb getekend

 

ik reken de zon dan maar in
sla eens iets in de boeien
koop een bandiet uit
dief ik bied je een buit voor je gedachten

 

ik ben het waken moe
er moet gesproeid en gedaan worden
de avond moet leeg

 

een kinderlijk gonzen doet me ontwaken
in de te krappe kamers van mijn geest

 

is het al hier geweest
het overdonderend succes en waar dan
is het gebleven

 

dan de bons
van het hartelijk woord
hoe het vallen kan

 

ik leerde het zien
zonder kijken en vergeleek het
met sprongen van geluk

 

onder druk gezet
sterft elke inval weet je

 

we moesten maar eens
wat vaker opengooien
alle sloten en hangsluitingen
het kettinkje van de deur doen
vaker zoenen

 

door het grind klossen
stampend en schuifelend
glimmen van geluid

 

over het
formaat van een vijver
niet zeuren

Read Full Post »

week negen

de te ruime spijkerbroek

zit als gegoten

Read Full Post »

Er is een man die mij leuk vindt, dat ontgaat me echt niet en eerlijk gezegd vind ik hem ook leuk. Hij is jonger dan ik, minstens 7 jaar, denk ik, en hij heeft iets onhandigs. Ik leerde hem kennen toen ik eens een juwelierszaak binnenstapte met een goudkleurig klompje dat ik op een rommelmarkt had gekocht. Ik dacht dat het goud zou kunnen zijn, trok de stoute schoenen aan en ging naar binnen. Het bleek zijn zaak te zijn. Enigszins verlegen legde ik het klompje op de toonbank en vroeg of hij het eens voor me wilde bekijken. Aan zijn gezicht zag ik meteen dat hij het klompje grappig vond. Hij pakte het op, bekeek het aandachtig en woog het in zijn hand zowel als op een weegschaaltje.

.

 

even op zoek

in het winkelstraatje

van zijn gedachten

.

 

Het is geen goud, stelde hij vast. Spijtig dat het geen goud was natuurlijk maar ach. Een paar weken later stapte ik opnieuw zijn zaak binnen. Dit keer met een gouden ketting waarvan ik de keuren niet herkende. Opnieuw ging er een gezellige aantrekkingskracht van hem uit en voelde ik dezelfde plezierige spanning, die ik ook de vorige keer gevoeld had. Sinds dat tweede bezoek kennen we elkaar een beetje. Ik ga af en toe met een, mogelijk, gouden sieraad naar hem toe en kom hem met enige regelmaat tegen in de passage. Hij in een keurig grijs pak, dat altijd iets van dat keurig verliest met hem erin. Ik in mijn blauwe jas met nepbontkraag of in mijn paarse bisschopjas en heel soms in een rood jasje dat ik opduikelde in de kringloopwinkel. Hij lacht al op voorhand naar me, ik hoef er niets voor te doen, mezelf zijn is voldoende. Vandaag zag ik hem weer, het was nu al een tijdje geleden. Omdat hij net een klant uitliet, liep ik zonder storend groeten door maar ik zag nog net vanuit mijn ooghoeken dat hij me zag. Ik zag een verraste blijdschap over zijn gezicht glijden en dat hij – heel even- zijn klant, een in mantelpakje gestoken dame op leeftijd, vergat en zich wat naar voren boog om me beter na te kunnen kijken. Wauw dacht ik, de lente is weer in het hart.

.

 

die heerlijke geur

ik loop nog eens langs

om hem te ruiken

Read Full Post »

Older Posts »