Feeds:
Berichten
Reacties

Advertenties

als ik je hondje was

.

 

zou je me trimmen

zou je er aan denken mijn nagels

te knippen, mijn tanden te poetsen

.

 

als ik je tuin was

.

 

zou je me volpoten

met laatbloeiers

eenjarigen

.

 

en zevenblad

zou je het verwijderen

of denken

 

.

 

zevenblad groeit hier niet voor niets

Mijn tuin

mijn zwager zegt
dat de gouden regen
kanker heeft
hij wijst de knoesten aan
waaraan hij dit kan zien

en de prunus zegt hij
krassend in de stam
is dood, morsdood

de tuin is een verraderlijke
plek om in te toeven
er heerst dood en verderf
als ik mijn zwager geloven moet

mijn zwager gaat graag aan de haal
met niet te toetsen kennis
altijd met een stem
waarin ik de verveling hoor en
twijfel, onmiskenbaar twijfel

hij heeft, zegt hij,  een extra oor
waarmee hij naar gebreken luistert

soms breekt plots
in hem het licht en komt
in stralen door
mijn tuin biedt hem
daar ruimte voor

Tanka

aan de takken

van de kale esdoorn

bloeien meesjes

 

zijn hand op mijn schouder

bij de foto van mijn kind

over het maken
van foto’s die zijn handen
op tafel leggen
voor eeuwig de nagels en de
aders tonend

de blauwe heuvels
die zich uitstrekten tot aan het bruin
van zijn vingertoppen

rivieren van strelen
van nerveus stromende golven
zwaarmoedigheid

dat er soms as
uit zijn gehoor viel zag ik
en
hoe we samen
op de asbak gelegd opgingen
in rook

zijn schedel moet ik melden
het glanzen dat steeds zichtbaarder
als een spiegeltje over het plafond sprak

zo hij daar zat
die toch al gebogen schouders
het grijze kroontje

hij heeft me
stemmen toebedeeld
die ik soms inzet

dit is de stem van de heks

achterover leunend
nam ik zijn bank in bezit
leefde in zijn huis

ik verplaatste stoelen
gaf glans aan wat hem dof stemde
bood aan, woog af
snoof soms de geur op
van onverkwikkelijke gewoontes

wat had hij aan advies

je zou het niet
in mijn woorden waarderen
ik zwijg dus

niets ga ik zeggen
over de spinnenwebben
in je geest

niets over de spin
die zich over je horizon
voortbewoog

wie wil de vlieg zijn
in een verhaaltje over de
spin die de vlieg vangt

wie wil de spin zijn

zou je iemands toekomst kunnen worden
zoiets vroegen we niet
wat heb je aan antwoorden

een stevige wandeling
langs het meer, brood mee
voor de meeuwen

en de camera
voor die eeuwige krijs die
diep vanuit de in veren
verscholen borst over de stilte valt
zo mag het hè
zo mag een wereld
eten van je brood

delen in onze schamele weerstand

wat moet een mens
met een overvloed aan vreugde
als iets diep vanbinnen
niet om vreugde vraagt maar hongert
naar de roes

naar de binnenkamer
waarvan de wanden met geluiddempende
kussens werden bedekt

een reuze sieradenkist
met daarin glinsterend
de onyx die je bent

haar grijze trui

volledig in harmonie

met de ochtend