Feeds:
Berichten
Reacties

Posts Tagged ‘twijfel’

net toen ik aan de wereld wilde vragen waarom ik eigenlijk was uitgenodigd om te komen leven zag ik een rood geschilderde, houten kerk op een wankel tafeltje staan. De deuren zwaaiden uitnodigend open. Als in een roes trok ik mijn gele poppenlaarzen aan en stapte naar binnen.

Helemaal vooraan nam ik plaats op een bank waarvan je aan het hout kon zien dat er al behoorlijk wat houtwormen mij voor waren gegaan .

Er plakten duivenveren op de vloer en tegen de wanden.

Dankjewel, klonk plotseling een vriendelijke mannenstem.

Waarvoor? vroeg ik, in alle bescheidenheid denkend aan de vraag die mij hier bracht.

Dat je naar binnen durfde te komen, de stilte gele laarsjes bracht en nieuwsgierigheid, luidde het antwoord.

Devoot boog ik het hoofd. Pas toen de mannenstem me vriendelijk vroeg of ik wellicht de duivenveren wilde opruimen werd ik even te groot voor het kerkje. Al snel dacht ik echter het verzoek als een antwoord op mijn vraag te mogen begrijpen

Ik was uitgenodigd om te zijn wie ik ben, soms argeloos, soms nieuwsgierig en altijd geschikt voor wedervragen en het opgelegd krijgen van schijnbaar nutteloze taakjes.

bijna onvindbaar
als de zerk onder het mos
een verwaarloosd hart

Advertenties

Read Full Post »

zwanenmetgedicht3

Read Full Post »

Je kunt mij zeggen
dat ik twijfel ben,
ik zal knikken
een leven lang
mezelf
overwinnen.
Er is geen planbord
waarop ik
zeker stellen
kan.
Aarzelingen
leg ik
als vanzelf op alfabet.

 

Read Full Post »

Onlangs heb ik mezelf betrapt op arrogantie. Alhoewel, was het eigenlijk wel arrogantie?
Bij het winkelcentrum zag ik Tino met de daklozenkrant. Ik ken Tino omdat ik jaren geleden als coördinator bij de krant gewerkt heb. Tino zat in een scootmobiel, dat was nieuw voor me. Ik liep naar hem toe, gaf hem een hand en informeerde naar zijn welzijn. Hij herkende me onmiddellijk en vertelde wat hem de afgelopen jaren zoal was overkomen. Een hartinfarct, een stoma die door omstandigheden verplaatst moest worden en een verlamming in zijn linkerzij. Dat was nogal wat.
‘Hoe vind je de nieuwe krant?’ vroeg hij.
Ik pakte een van zijn kranten en bekeek hem aandachtig. ‘De vormgeving is er op vooruit gegaan,’ merkte ik op.
De krant kocht ik niet. Waarom kocht ik die krant niet? Was het omdat ik diep in mijn hart nog niet los was van de manier waarop ik afscheid had moeten nemen van mijn baan? Dat kon ik hem toch niet verwijten!?
‘Ik ga even boodschappen doen, ik ben zo terug,’ zei ik.
Ik hoefde enkel een doos te halen om een pakje in te verzenden en postzegels, al snel stond ik dus weer bij hem en keuvelden we wat over koetjes en kalfjes.
“Hee, en je boodschappen dan?” vroeg hij nog en ik vertelde dat ik enkel postzegels had hoeven halen en een lege doos. Zijn reactie beperkte zich tot een kort, vaststellend, o.

Nu en dan gooide er iemand geld in een bakje dat aan zijn scootmobiel hing.
Dank u wel,” reageerde hij steevast vriendelijk. Ook tijdens ons kortstondige babbeltje bleven zijn ogen de winkelende mensen, en dus de potentiële kopers van de krant, volgen.
Op de een of andere manier zat mijn gevoel me in de weg en kon ik het niet opbrengen om de krant te kopen. Zomaar geld geven, dat wist Tino nog wel van me, dat deed ik niet, in elk geval niet snel. Dat kon ik me als coördinator niet veroorloven en die coördinator zat nog steeds in me.
Gewoon als een kennis, als gelijke met hem praten, dat was wat ik hem wilde geven.
Precies op het moment dat ik me dit bedacht was het gesprek niet meer hetzelfde.
Ik voelde een lichte gêne op komen en haastig ineens beëindigde ik ons gesprek, groette hem en nam de benen.

Arrogant om te denken dat je zo belangrijk bent dat je gezelschap opweegt tegen de voldoening die je hem had kunnen geven door een krant te kopen, dacht ik en ik schaamde me. Toch moest ik ook aan een eerder voorval denken met een andere verkoper van de daklozenkrant. Hij zat altijd met zijn gitaar op het Kerkplein in Den Bosch en op een dag legde ik een bloem in zijn gitaarkoffer, ‘voor je muziek.’ Dat deed ik toen met dezelfde intentie als dat ik het gesprek met Tino bedoeld had. Erik keek verrast op van zijn gitaarspel. ‘Je geeft me een bloem in plaats van geld,’ zei hij verbaasd, ‘nog nooit heeft iemand mij een bloem gegeven voor mijn muziek. Ik vind dit het mooiste gebaar ooit. Nu voel ik me gewoon een mens.’  Zijn ogen werden vochtig en ik moest me snel uit de voeten maken om te voorkomen dat hij zou zien dat ook mijn ogen zich vulden met tranen. Twee kwetsbare mensen.

De ene keer wordt de intentie begrepen, een andere keer wordt hij verkeerd uitgelegd, soms door jezelf. Het gaat dan ook om de zuiverheid van de intentie .
Dus toch geen arrogantie, sprak ik mezelf toe. Zuiverheid heeft ook een zekere zelfbewustheid nodig en de grens tussen arrogantie en een zelfbewuste intentie is kennelijk nogal dun.

Read Full Post »

We konden er
ons op beroepen
dat we sneller waren
dan de vlinders.
Flitsender
want dat
hadden we bewezen
tijdens
de lenterace.

 

Doch met de jaren
kwam de bezinning
en strooide twijfel,
met het nodige trammelant,
zaadjes van verwarring.

 

Er groeide gras,
over het
in ons hart gesloten
ideaalbeeld
van de toekomst.

 

Read Full Post »

het kantelen en keren
van wat geen kanten heeft
geen duidelijke omlijning
van wat me houvast geeft

het bezit van dit ontberen
dat aan de oppervlakte leeft
waar het naar verschijnen
en verdwijnen streeft

gespleten

Read Full Post »