Feeds:
Berichten
Reacties

Posts Tagged ‘schrijven’

haiku studie

.

elk sneeuwvlokje

maakt de tuin een beetje

witter

.

of nee

.

na elk sneeuwvlokje

de tuin een beetje witter

.

of nee

.

hoe elk vlokje

een bijdrage levert

de tuin steeds witter

.

of nee

.

dansend

op de oostenwind

witte speldenknopjes

.

of nee

of toch

of

.

poedersneeuw

een strooibus vol

.

oh haiku

oh sneeuw

Advertenties

Read Full Post »

Het is weer zover. De melk is op, er is geen kaas meer.

Je winkelwagentje heeft voor de verandering een afwijking naar links, dat komt goed uit, besluit je na wat gehannes, je begint te veel naar rechts over te hellen.

Bij de koeken aarzel je en denkt, de koek is op, hoe vaak zei ik dat al? Een rol Maria biscuitjes ligt nog voor je een antwoord hebt kunnen bedenken in het karretje en voert je meteen even terug naar vroeger. Was het nog maar een beetje zo, een koekje verkruimelen in een pannetje, een stukje appel erbij, het fornuisje aansteken met een aanmaakblokje. Proeven papa? Ze doen het tegenwoordig in Japan maar dan echt alles in het klein, zag je op tv. Je overweegt een verhuizing naar Japan maar bedenkt dan dat je nog wel ergens een oud kookkacheltje hebt staan, dat scheelt een hoop gedoe.

Bij de wijn staat een man van om en nabij de 80 met een fles rode wijn in zijn hand. Mevrouw, vraagt hij, kent u deze toevallig? Merlot, zie je en antwoordt dat het een goede wijn is, soepel, zeg je. De man zet hem terug. Hij houdt waarschijnlijk niet van soepel, begrijp je en denkt er goed aan te doen hem op een Bordeaux te wijzen. En die, klink je met een verbazingwekkende kennersstem, is nogal stroef maar wel vol en krachtig. De man, hij lijkt wat op Rutger Kopland, kijkt naar de prijs en dan naar jou. Hij schraapt zijn keel en je bereidt je voor op een avond in de tuin. Prijzig, zegt hij.

Bij de eieren zoek je, denkend aan je culinaire verlangen, naar de kwarteleieren.

Eenmaal aanbeland bij de kassa met de gebruikelijke boodschappen en de biscuitjes zie je de man terug. Hij heeft voor de Merlot gekozen én de Bordeaux. Als hij je ziet, grinnikt hij wat verlegen en zie je een zweem van de jongen die hij eens was terug in zijn blik. Hij wijst op je biscuitjes. Die zijn lekker, zegt hij, met een beetje boter en hagelslag. Hij pakt iets van de band en toont het je. Het zijn ook Maria biscuitjes. Hij maakt een wat beverig dansje van voorpret. U vergat de hagelslag, merk je quasi droogjes op en hij laat een bulderende lach op je los. De kassière die net nog wat melancholisch voor zich uit zat te kijken lacht mee ook al weet ze niet precies waarom. Voor drie mensen maakt de wat grijze dag plaats voor een zonnig doorkijkje. De vrouw achter je laat een pot appelmoes vallen, hij spat uiteen aan haar voeten. Shit, klinkt het hartgrondig. Scherven brengen geluk, wil je zeggen maar je houdt je in bij het zien van de ravage aan haar voeten en de appelmoesspetters die aan haar broek kleven. De kassière haalt de biscuitjes over de scanner en merkt op dat ze er heel lang geleden, toen ze nog klein was wel eens hagelslag op deed. Dat is me toch lekker, zegt ze. De man en jij kijken mekaar eens aan en krijgen de slappe lach. De appelmoespotvrouw vraagt of de pret wellicht over haar gaat. Ook, hikt je tijdelijke partner in crime. Pas dan lijkt de kassière te zien wat er gebeurde. Een mevrouw heeft een pot appelmoes stuk laten vallen, schalt haar stem via een microfoon door de winkel. De vrouw kucht gegeneerd. De man biedt haar een biscuitje aan en je weet weer precies waarom boodschappen doen soms best leuk is.

bij de groenteman

een weekendhulpje ordent

het schap met druiven

Read Full Post »

 

U bent groots.

U bent iemands onkunde.

U bent een ver land.

 

Op uw graf bloeit een poëet.

Hij dicht volgens uw richtlijnen.

 

Lijnen verdwijnen nooit

El Tortulani.

 

Nooit.

 

Net zomin als ijdel streven,

ambitie en superioriteit,

 

zij blijven.

Dat is ons lot.

 

Dat er dichters

op uw graf groeien

is het uwe.

 

Read Full Post »

de langste – alhoewel – brief ooit

schrijf ik aan jou

hij bevat de tuin waarin

onkruid hardnekkig de kop

op blijft steken tussen de stenen

van het terras

 

het gras is meer een madeliefjesveld en

de prunus – maar dit weet je wel – is gestorven

 

de goudenregen wil gaan bloeien maar

gezonde groei belet hem, de blauwe regen daarentegen

groeit als kool maar bloeit niet

 

de vijver gaat hier weg

de haag tussen ons en de buren

het fluitfabriekje – je weet wel –

hij is dun, het woord armetierig valt me in

 

armetierig

 

zondag floot er een merel, vlak boven ons hoofd

wat klonk dat hard

veel mussen zien we hier niet meer

soms een vinkje, een enkele keer een roodborstje

wat duiven, kraaien, eksters

 

op het terras staat een nieuw zitje, nou ja nieuw

het stond in de kringloop, was net binnen gebracht

ik heb het zonder nadenken gekocht

 

het is groen, er bladdert verf vanaf, de tafel bleek stuk

 

vannacht droomde ik van een man waartegen ik zei dat ik

een beetje van hem hield, een beetje, herhaalde hij

in zijn ogen stond iets speciaals, ik omschrijf het nu

als teleurstelling maar misschien was het iets anders

 

we omschrijven elkaars handelingen vaak verkeerd

woorden komen anders over, ons toegeworpen blikken

vullen we zelf in

 

praten is lastig, de een zegt te veel, is te scherp, te klip en klaar

de ander zegt ja en denkt nee, weer anderen willen niet eens praten

maar vertellen anderen desondanks over de nooit gevoerde

gesprekken dat ze vervelend waren, ze weten zelfs precies waarom

 

 

de tuin is een heldin, met haar kan ik lange gesprekken voeren

ik durf gerust te zeggen tegen haar dat ze er niet uit ziet en het

kost me geen enkele moeite om het hoofd te buigen voor haar

 

het is mijn schuld, vertrouw ik haar toe, alles wat fout ging is

mijn schuld of wordt op mijn schouders gelegd

 

ik kleur mijn tuin niet in met oordelen en zij vertrouwt mij alles toe

haar ongelukkig bruin en de verpieterde verlangens om

eens grondig uit te pakken

 

ze is altijd thuis en weet precies wat ze aan me heeft

dat is liefde denk ik, liefde in haar zuiverste vorm

Read Full Post »

een pen die danst

heeft een hand als minnaar

blad als een balzaal

Read Full Post »

ha vrolijk
wat treffend dat jij
uit mijn pen rolt

.

ja vrolijk
je bent van harte welkom
blijf gerust

.

het is dit vrolijk schrijven
dat binnenbrandjes blust

Read Full Post »

Een Magnus opus schrijf je niet

op een zondagavond. Je schrijft hem

niet eens, hij ontstaat. Je denkt

aan een wereld die tekort schiet

in hemel en aan de dood van een meisje

dat lang oud was.

Gisteren, vertel je de postbode,

ontwaakte ik in een boek.

Laat me raden, lacht hij, pagina elf.

.

 

 

Je bent een Magnus opus en die droom

duurt voort in je dag.

.

 

Als iemand je zegt dat er

een vogellijkje in je hart rust

zeg je, amen, amen en

gezegend zij het toeval.

.

 

Wat je aanbidt is de wens die

een wrak werd.

Read Full Post »

Older Posts »