Feeds:
Berichten
Reacties

Posts Tagged ‘herinneringen’

als, moeder

de geur van toverbloesem

van Konsalik

Advertenties

Read Full Post »

Je gelooft vast zelf niet
dat je dood bent. Dat zie ik
aan die blik op foto’s.
.
Ik kan het ruiken
aan het parfum van mijn kind,
oude bontjassen.
.
Jij leeft,
voelbaar haast, in alles voort.
Nee, je bent niet dood.
.
Ik ben degene hier die stierf.
Je ziet het aan die blik
op oude foto’s,
.
ruikt het aan de geur
die achterbleef
toen alles me verliet.
.
Ja moeder, jij leeft.
.
Ik niet,
ik ben al heel lang dood.

Read Full Post »

wind

Read Full Post »

pas nog kwamen ze langs gewandeld

mijn moeders pantoffels

 

ze zaten aan voeten van een vrouw

met dezelfde leeftijd die zij had

de nacht dat ze stierf

 

met mijn ogen proefde ik

aan het glanzende zwarte lakleer

telde de ruitjes van het patroon

en zag haar

 

ik zocht naar een woord dat het moment omvatte

maar bovenal rijmde op dansen want dansen

dat deed ze graag en ineens klonk de stem van de arts

 

mevrouw Jansen, riep hij en

daar gingen ze

 

haar pantoffels

 

Read Full Post »

Naast de deur van haar kamer hangt een foto

waarop ze lacht, precies zo ik haar graag zie. Of zag moet ik zeggen, want nu

ze er niet meer is gaat het spreken over haar verder in verleden tijd. Ze was

mijn moeder, ze is mijn moeder, ze bleef het en blijft mijn moeder. Taal past

zich gemakkelijker aan dan mijn gevoel, gemakkelijker ook dan mijn ratio.

Ik stap de kamer binnen en de gedachte welt in me op dat

eerst het hart moet worden opgeruimd.

 

 

 

het hart van de kamer

herinneringen trekken aan me

als zijn het piranha’s.

 

 

 

 

 

Haar kleren. Ze geven me haar ademhaling, de geur van haar

parfum terug. Ze laten me zien hoe we met elkaar omsprongen, wanneer ze

geërgerd was of juist pret had. Haar kleren vertellen me dat ze er graag mooi

uitzag. Ze vertellen me ook dat ze achteruit ging, kleding werd aangepast.

Gemakkelijker te wassen kleding, hoger gesloten truitjes en hemden, lange

broeken die niet zo opkropen nu ze de hele dag in haar stoel zat.

 

 

 

ze houden zich op

in haar trui, haar blouse

kleine momenten

 

 

 

Op de wekker die op de vensterbank staat is het nog geen elf

uur, op haar horloge is het 10 over 11. Ik bedenk me dat ze al een half uur

klaar zat als ze werd opgehaald. Aan te laat komen had ze een hekel, vandaar

waarschijnlijk dat het horloge voor loopt. De wandklok tikt onverstoorbaar

voort en slaat dan 11 uur. Hij slaat alsof het hem maar moeilijk afgaat. Hier

trekt de tijd het nauwelijks. De wekker begint te kukelen, een grapje van mijn

broer.

 

 

 

geen klok loopt gelijk

we maken er een spel van

de tijd en ik

 

 

 

Het valt me zwaar veranderingen aan te brengen. Wat bewaar

ik, wat gooi ik weg. Wat zou ze zelf gedaan hebben.

 

 

 

een corsage

al driemaal verlegd vraagt erom

te worden weggegooid

 

 

 

 

 

Wat weg kan, in vuilniszakken. De spullen voor de

kringloopwinkel in dozen.

 

 

 

zorgvuldig

opgeborgen in mijn tas 

wat oude foto’s

 

 

 

Moe en, zo realiseer ik me, niet voldaan, trek ik de deur

van haar kamer achter me dicht.

 

 

 

met het uitruimen

van haar kamer, ruimde ik

ook mijn hart uit

 

 

 

Eenmaal thuis aarzel ik lang voordat ik haar naam wis in

mijn mobieltje. Alsof ik haar ermee ontken, afval, te snel al uit mijn leven

ban, maar ik ban haar niet. Ik haal de foto van toen ze een jong meisje was uit

mijn tas en zoek naar gelijkenis. Gelijkenis met mezelf, mijn zus, met haar

zelf. Wie is dit meisje?  Als ik de foto

omdraai zie ik in mijn eigen handschrift staan; deze foto is van Jeanine.

Dit is goed voor een lach.

 

 

 

precies op de plek

waar ik haar altijd al draag

vind ik haar terug

 

 

 

Het is tijd om mezelf te vermannen. Alles veranderde door

haar dood maar niets verdween.

 

 

 

 

 

zojuist weggegooid

de code van de deur 

waarachter men haar ving

 

Read Full Post »

zei ik je niet dat we het strand

terug zouden vinden

sprak ik niet over kokkels en meeuwen

de zee, als herkenningspunten

wegwijzers naar hoe het was

 

de zee is streng en onverbiddelijk zei je

te nuchter

hartjes in het zand verwijdert zij

de schelpen die zij er voor teruggeeft

sterven in elke kinderhand de dood

van een eendagsvlieg

lieg niet

 

maar ik zie een jongen

in zijn vliegtuig van zand

een vlieger

 

misschien bestaat jouw weg terug uit vogels

die krijsen, stijgen en dalen op de eenzelvige

thermiek van ogenrovers

duikend en stotend naar de onmacht van een man

die de kracht van de zee liet zegevieren

boven de luchtige gestalte die liefhebben kreeg

toen ik mijn vingers afstond aan het strand

om samenzweerderig met het zand een hart te maken

van het moment

 

zag je dan niet dat het kleine hier sterker was

dan ooit de zee zal zijn

Read Full Post »