Feeds:
Berichten
Reacties

Posts Tagged ‘dementie’

ze opent zingend

en zoekt als ze mij ziet staan

een passende groet

.

in de koektrommel

drie oude bokkenpootjes

en de huissleutel

.

in haar huiskamer

de geur van afwezigheid

in een vaasje

.

 

haar leven

elk bezoek herbeleeft zij

haar verhaal

.

haar vader

te jong gestorven

van verdriet

.

haar moeder

een echte moeder, één die

alles van je wist

.

 

als ik wegga

sluit zij niet goed af

ik duw de deur dicht

meteen maakt ze weer open

oh, zegt ze blij, ben jij het

.

 

 

 

 

Advertenties

Read Full Post »

Op het dagverblijf voor dementerende ouderen, waar ik werkzaam was als activiteitenbegeleidster, stuitte ik met enige regelmaat op weerstand. Bij het geven van de medicijnen bijvoorbeeld. Mevrouw Appeldoorn weigerde steevast haar pillen in te nemen. Ook die avond. Het broodbeleg zat al in de botervloot, mes en vork stonden in de melkkan. De blik van mevrouw Appeldoorn stond op NEE. Ik had al heel wat trucjes toegepast, altijd met succes maar ik zag wel dat ik dit keer toch echt met iets beters zou moeten komen. Mevrouw Appeldoorn was rood aangelopen van boosheid. Om voor haar en mezelf wat ruimte te creëren liep ik even naar het aangrenzende kantoor, waar ik, kijkend naar de snoeppot, een lumineus idee kreeg.
Vandaag mag u kiezen, zei ik en hield haar als een dienblad mijn geopende hand voor. Welk pilletje wilt u? Mevrouw Appeldoorn keek naar mijn hand waarop, naast het minuscule pilletje dat zij in moest nemen, nogal contrastrijk een pepermuntje lag. De weerzin op haar gezicht maakte plaats voor afschuw en bevend wees ze:
Als ik het dan toch voor het zeggen heb doe me dan maar het kleintje.

Read Full Post »

alles aan haar klopt

de neus de mond

het keurig gekapte haar

het tweedpakje

de mocassins

 

dan geeft ze

de arts haar trouwring

zeg ja ik wil, gebiedt ze

 

Read Full Post »

‘Het zijn dolfijnen mevrouw,’ antwoord ik geduldig als een oude dame me voor de derde keer vraagt wat het voor vissen zijn, ze toont me het beeldje nog eens. Ook bij de kassa hoor ik ze antwoorden dat het dolfijnen zijn en even later klinkt de zware bas van een oudere heer, ‘dolfijnen vrouwke.’

Het ‘vrouwke’ stapt dapper op me af, laat het beeldje weer zien en vraagt dan of het misschien toch een anders soort vis is. ‘Zo een die op een dolfijn lijkt, mijn kleinzoon verzamelt ze, hoe heten ze ook alweer?’ ‘Orka,’ probeer ik, ‘zaagvis?’. Ze schudt het hoofd, ‘nee, ze heten anders.’

Als ik mijn aankoop in mijn tas laat glijden en me naar de uitgang begeef klampt ze me opnieuw aan. Ze stelt dezelfde vraag maar krijgt nu een verrassend antwoord. ‘Het is vooral een heel lelijk beeldje,’ zegt de oudere heer van daarnet met een brede glimlach en schuift zijn arm in de hare. Ze kijkt voor een moment heel verbaasd en schiet dan in de lach, ‘dat is waar, mooi is anders.’

 

ze zoekt in haar tas
– de sleutels, het horloge –
wat grip op de dag

 

Haiku uit: Sierlijk vallen

 

Read Full Post »

een heer in de lift
beleefd neemt hij zijn hoed af
voor zijn spiegelbeeld

Read Full Post »

‘Bloemen? Maaam!’ met een klap die boekdelen spreekt plant Arlette de tassen met boodschappen op de grond.
‘Bloemen.’
‘We kochten geen bloemen, waar heb je ze vandaan? Heb je ze gepikt?’
‘Niet gepikt, die aardige man gaf ze mij.’
Arlette kijkt over de schouder van haar moeder, ‘welke man? ‘
‘Die van de bloemen.’
‘Ga maar vast in de auto zitten,’ Arlette rukt de bloemen uit de handen van haar moeder.
‘Blijven zitten, ik ga even terug naar de winkel.’
De tassen staan vergeten naast de auto.

Bij het gedeelte waar de bloemen en planten staan aarzelt Arlette. Zou mam ze misschien toch …?
‘Jahaaaa,’ klinkt de wat aanstellerig klinkende stem van de verkoper.
‘Ah,’ glimlacht hij, ‘de bloemen’
‘U weet van de bloemen?’
‘Jawel.’
‘Heeft u haar die bloemen gegeven?’
‘Dat niet’
‘Waarom heeft u ze niet afgepakt?’
‘Aaaaach.’
De man tript naar een emmer waar rozen in staan, hij zoekt er drie uit en wikkelt ze neuriënd in cellofaan. Hij fluit eens tussen zijn tanden alvorens er een stickertje op te plakken.
‘Asjeblieft,’zegt hij en geeft ze aan Arlette.
‘Ja maar…….’
‘Is die mevrouw uw moeder?’
‘Ja.’
‘Een hele zorg.’
Arlette bloost, ‘een hele zorg?’
‘Dementie,’fluistert de verkoper, ‘mijn moeder dementeerde ook, weet u. Neem die bloemen aan.’
Arlette, verlegen ineens, neemt de rozen aan, mompelt een bedankje en struikelt naar buiten.
‘Dag hoor,’ roept de man haar na.

Niet gelogen dus, het gezicht van Arlette krijgt een wat zachtere uitdrukking. Echter die verdwijnt alweer snel. Eenmaal bij de auto aangekomen ziet ze dat de tassen weg zijn en ook haar moeder zit niet meer in de auto.
Verdomme, sist ze tussen haar tanden, ze beweegt het hoofd van links naar rechts, haar ogen spieden het terrein af.
In de verte ontwaart ze een opstootje. Haar hart maakt een sprongetje van schrik.
Mam, nee hè! Ze rent er naar toe.
Voor de etalage van een grote winkel heeft zich een groepje mensen verzameld. Een keukenspeciaalzaak, ziet Arlette en omdat iedereen lacht voelt zij zich wat rustiger worden.
Ze schraapt haar keel om te vragen of iemand misschien….
‘Kijk toch eens’ wijst een van de omstanders.
‘Woont zij daar papa’ vraagt een kleuter.
Zijn antwoord verstaat ze niet, verrast ziet ze hoe haar moeder aan de andere kant van de winkelruit de tassen heeft uitgepakt. Ze wil net een pak koffie opbergen in een van de kastjes als zij Arlette ziet.
Ze wuift.
‘Van lotje getikt,’zegt iemand.
‘Knetter gek.’
Arlette staat besluiteloos tussen het opstootje naar haar moeder te kijken. Ze ziet hoeveel plezier haar moeder er in heeft om de kastjes in te ruimen. Hoe ze zingt, nog eens wuift. Een gek gezicht trekt naar de kleuter. Als aan de grond genageld kijkt ze toe, maar dan wuift ze terug, trekt ook een gek gezicht.
‘Dat gekke mens is mijn moeder’ zegt ze tegen de omstanders.
Pas als haar moeder de boodschaptassen helemaal heeft uitgepakt loopt ze de winkel in.
‘Laat mij maar,’ zegt ze tegen een verkoper die er wat wanhopig uit begint te zien.
‘Nog meer bloemen,’zegt haar moeder, bij het zien van bloemen in de hand van haar dochter.
‘Kom, we hebben geen tafel en stoelen hier die staan daar,’ ze wijst naar een andere ruimte.
‘Ik heb een veel beter idee,’zegt Arlette, ‘Ik weet een hele fijne keuken, daar staan stoelen en een tafel, we kunnen wentelteefjes bakken. Zullen we de boodschappen inpakken’
Haar moeder kijkt aandachtig van Arlette naar de bloemen en weer terug.
‘U bent zelf ook een bloem,’ zegt ze.

Read Full Post »

Vol bewondering kijkt hij naar het schilderij. ‘De naam van de maker wil me niet invallen, maar dit werk bevalt me zeer.’ Zijn kin steunt op zijn duim en wijsvinger. Hij mompelt nog wat, zucht eens diep en kijkt dan met wazige blik langs me heen. Ik noem zijn naam als de naam van de maker en wacht op herkenning. ‘Aha,’ zegt hij en resoluut ineens, ‘kom!’ We lopen verder maar al snel blijft hij staan. Voor een moment lichten zijn ogen op, ‘die naam, dat ben ik toch!’

haar blik, alsof
we een kamer betreden
waar ze net nog was

Haiku uit Pauwenveren en judaspenning

Read Full Post »

Older Posts »